Normen en richtlijnen opvangbakken
![home01[2].jpg](/image/t35678abcfhjlqsw/home01%5B2%5D.jpg)
Opslag van oliën en chemicaliën moet plaatsvinden in emballage boven een vloeistofdichte voorziening. De NRB geeft aan waar en hoe een verwaarloosbaar bodemrisico kan worden bereikt. Afhankelijk van de categorie waarin een bedrijfsactiviteit valt, zijn er meestal diverse combinaties van voorzieningen en maatregelen mogelijk om de bodem te beschermen.(zie zakboekje NRB). Onder voorzieningen worden fysieke voorzieningen begrepen, zoals vloeistofdichte vloeren en verhardingen, vloeistofkerende vloeren en lekbakken. Onverenigbare combinaties
Voorbeelden van gevaarlijke combinaties
Voor verpakte gevaarlijke stoffen in verkoopruimten van bijvoorbeeld doe-het-zelf-winkels gelden andere regels. Zie hiervoor artikel 4.8 van de ministeriele regeling van het Activiteitenbesluit.
Indien bij het gelijktijdig vrijkomen van twee gevaarlijke stoffen uit de verpakking er een groter (vervolg) effect ontstaat dan op grond van de eigenschappen van de afzonderlijke stoffen verwacht kan worden, moeten deze stoffen gescheiden worden opgeslagen. Bij deze beoordeling moeten alle eigenschappen van een gevaarlijke stof worden beschouwd, dus ook de bijkomende gevarenlabels conform het ADR.
Voor opslagen tot 10 ton kan scheiding van stoffen, naast het aanhouden van 2 meter afstand, ook door lekbakken gerealiseerd kan worden.
Zuren en basen
Zuren en chloriet en hypochloriet oplossingen
Salpeterzuur en mierezuur, azijnzuur, alcohol
Salpeterzuur en formaldehyde oplossingen
Zuren en cyaniden
Zuren en sulfiden
Aceton en geconcentreerd salpeterzuur en zwavelzuur
Peroxides en zuren (nb. vermijd wrijving en koel bewaren)
Richtlijnen en normen
- PGS 15
- Activiteitenbesluit
- Bevi
- BRZO


